top of page

De bezoekerstypische samenwerkingsrelatie

  • Foto van schrijver: René den Haan
    René den Haan
  • 2 uur geleden
  • 2 minuten om te lezen

Als iemand er eigenlijk helemaal niet wil zijn.


Er zit iemand tegenover je. Armen over elkaar. Blik half op “ik moet hier blijkbaar zijn”. De energie in de ruimte is… minimaal. Niet omdat jij iets verkeerd doet. Maar omdat deze persoon hier niet vrijwillig zit.

Welkom in de bezoekerstypische samenwerking.


Als je hier “gewoon een goed gesprek” probeert te voeren, ga je waarschijnlijk trekken aan een dood paard. Of nog erger -je wordt zelf onderdeel van het probleem.


De klassieke reflex (die niet werkt)

De meeste professionals doen in deze situatie één van twee dingen:

Extra hard hun best doen (uitleggen, overtuigen, motiveren)

Of juist afhaken (“als jij niet wil, dan houdt het op”)


Beide missen de kern. Want deze persoon is hier niet voor zichzelf. Dus waarom zou hij of zij zich gedragen alsof dat wel zo is?


Wat wél werkt: meebewegen zonder mee te gaan

De kunst is niet om iemand “in beweging te krijgen”, maar om eerst te erkennen dat die beweging er nog niet is.


Dus begin hier: “U bent hier niet helemaal uit eigen beweging, klopt dat?”


Geen oordeel. Geen verborgen agenda. Gewoon erkenning. Dat alleen al haalt vaak spanning weg.

En ja, dat lijkt simpel. Maar het is fundamenteel anders dan trekken, duwen of overtuigen.


Haal de verwijzer de kamer in (zonder dat die er is)

In plaats van te focussen op jouw gesprekspartner, maak je ruimte voor de context: “Wat hoopt degene die u heeft gestuurd dat dit gesprek oplevert?”

“Wat zijn volgens u de zorgen van de mensen om u heen?”


Je hoeft het er niet mee eens te zijn. Je hoeft het niet te corrigeren. Je verkent het.


En ondertussen gebeurt er iets interessants: je gesprekspartner hoeft zich niet meer te verdedigen. Je zit namelijk niet tegenover hem of haar- maar ernaast.


De sleutelvraag: nuttigheid

Dan komt de vraag die alles kantelt: “Nu u er toch bent… wat zou dit gesprek voor u een beetje nuttig maken?”


Geen groot doel. Geen gedragsverandering. Geen therapieplan. Gewoon: een beetje nuttig. Of scherper, als het past: “Wat kunnen we doen zodat u zich hierna minder druk hoeft te maken?”

“Wat moeten we bespreken zodat we elkaar hierna eigenlijk niet meer hoeven te zien?”


Dat laatste klinkt brutaal. Maar het is vaak precies wat iemand denkt -en eindelijk hardop hoort.

Autonomie teruggeven (zonder strijd)


Je sluit niet af met adviezen, tips of huiswerk. Want laten we eerlijk zijn: iemand die hier met tegenzin zit, gaat daar toch niets mee doen.


In plaats daarvan: “Wat zou u zelf minimaal kunnen doen, zodat u minder last heeft van deze situatie?”

“Wat helpt u om minder gedoe te hebben met de bemoeienis van anderen?”

Je legt de regie terug waar die hoort -bij de ander.


Waarom dit werkt

Omdat je stopt met trekken aan motivatie die er niet is. En begint met aansluiten bij de realiteit die er wél is. Geen strijd. Geen overtuigingsdrang. Geen verborgen agenda. Alleen een professioneel gesprek waarin iemand -ondanks tegenzin- denkt:

“Oké… dit was eigenlijk best nuttig.”

Dat is in deze context al winst!



 
 
 

Opmerkingen


Inschrijfformulier

Bedankt voor de inzending!

©2022 door Positieve Focus
KvK 71266895 (René den Haan)

bottom of page