top of page

Kantoortuin- blues

  • Foto van schrijver: René den Haan
    René den Haan
  • 5 mrt
  • 3 minuten om te lezen

Een veldstudie naar de fauna van de moderne kantoortuin


Oké, ik snap het.

Mensen worden ouder en daardoor staat de zorg onder druk. Zorgbedrijven en verzekeraars willen – hoe verrassend – ook gewoon winst maken. Het idee is dan: als zorgaanbieders met elkaar concurreren (marktwerking!), wordt de zorg vanzelf beter én goedkoper.

Over de uitkomst van dat experiment zullen we het maar even niet hebben.


Wat we wél weten: ergens in een beleidskamer is besloten dat zorginstellingen best met minder vierkante meters toe kunnen.

De oplossing: zorgpersoneel stapelen.


En voilà: de kantoortuin was geboren.


De tuin waar niemand vrijwillig naartoe verhuist

Geen eigen behandelkamer meer. Geen vaste werkplek.

Geen bureau waarvan de koffievlek inmiddels cultureel erfgoed is.


Nee, tegenwoordig hebben we een slim reserveringssysteem. Daarmee kun je een spreekkamer boeken met kartonnen wandjes, zodat je elke kuch, nies en scheet van de buurbehandelaar kunt volgen alsof je live bij een natuurdocumentaire zit.


Voor het uitwerken van verslagen is er de kantoortuin.

One size fits all. Even je stoel instellen, laptop openklappen en productief zijn!


Tenminste… dat is de theorie.

In de praktijk probeer je een behandelverslag te schrijven terwijl:


-drie collega’s bellen

-twee anderen een inhoudelijk debat voeren over de kwaliteit van de koffiebonen in het koffie apparaat -

en 1 iemand zijn yoghurt roert alsof hij mortel staat te mengen (ik noem niet wie).


Tuin of dierentuin?

Het woord tuin is eigenlijk misleidend. Het voelt meer als een jungle. Of een dierentuin.

Of beter nog, een overvol stadspark op een warme zondag.

Privacy is hier zeldzamer dan een vrije parkeerplek in Amsterdam.


Met een overdaad aan prikkels probeer ik iets zinnigs op papier te zetten over 'overvraging en overprikkeling bij een bewoner met onbegrepen gedrag in het verpleeghuis' - terwijl ik ontdek dat mijn stoel weer compleet anders staat afgesteld.

Teveel ergonomisch verantwoorde hendeltjes die verschoven kunnen worden. Rugleuning dan maar op stand “middeleeuws folterinstrument”.


Maar goed. In de haast besluit ik dan maar de hernia te riskeren.


De fauna van de kantoortuin

Observaties van de amateur-bioloog


Na langdurige veldobservatie heb ik een aantal soorten geïdentificeerd.


De eend — Anas dorsus permanens

Herkenbaar aan de karakteristieke eendenrug.

Zit onverstoorbaar achter het scherm.

Deze soort werkt door wat er ook gebeurt: telefoons, gesprekken, verbouwingen of een kleine aardbeving.


De bezige bij — Apis hyperproductivus


Altijd in beweging.

Loopt rond met papieren, laptop, koffie, kabels, testmateriaal en soms een compleet beeldscherm.

Niemand weet precies wat deze soort doet, maar het ziet er heel productief uit.


De halsbandparkiet — Psittacus vergaderensis maximus

Een relatief nieuwe soort in Nederland.

Luid. Zeer luid.

Communiceert uitsluitend op volumes die geschikt zijn voor grotere zalen en voetbalstadions.


De meerkoet — Fulica observatoria

Met verfijnde, priemende oogjes (soms achter brillenglazen) observeert deze soort alles wat er gebeurt. Nauwgezet.

Heeft vaak al drie roddels gehoord voordat ze überhaupt hebben plaatsgevonden en ziet echt alles!


De kantoorreiger — Ardea statica bureauticus

Beweegt nauwelijks.

Kan urenlang in exact dezelfde houding naar een scherm staren alsof er elk moment een Excelbestand uit het water kan springen.


De kantoorduif — Columba knikkensis

Een uiterst sociale soort.

Reageert op vrijwel alles met:

“Ja precies.”

“Klopt.”

“Goed punt.”

Heeft nog nooit een mening gehad die niet al in de kamer aanwezig was.


De kantoorrat — Rattus gossipius

Leeft voornamelijk van roddels.

Voedselketen:

vergaderingen → wandelgangen → koffiemachine → WhatsApp.


Een kleine observatie

“Doe een ander niet aan wat je zelf niet wenst.”

Cliënten hebben het liefst een vast gezicht. Een vaste behandelkamer. Gewoon weten waar ze aan toe zijn.

Het is al spannend genoeg om één keer je hele hebben en houden op tafel te leggen. Dan wil je niet elke keer opnieuw je verhaal doen tegen een nieuw gezicht op een andere plek.


En de hulpverlener zelf? Precies hetzelfde soort! Ook mens.

Ook hulpverleners blijken een interessant profiel te hebben.

Veel van ons gedijen juist goed bij: structuur, vaste rituelen

overzicht en een lichte vorm van perfectionisme (niet te verwarren met autisme spectrum).

Een zorghart, maar soms ook de neiging om minder goed voor onszelf te zorgen en grenzen aan te geven. Conformeren dan maar.


En ik?

Ik ben gewoon…

De kat in de kantoortuin 🐈

Felis solitarius bureauticus

Als het gaat om computerwerk, ben ik namelijk liever een kat.

Solitair.

Eigenwijs.

En met een sterke voorkeur voor een eigen plek.

Waar niemand aan mijn stoel zit.

Waar mijn koffiemok blijft staan.

En waar ik in stilte iets zinnigs kan opschrijven.

Maar soms ook met een lichte kater van al het lawaai om me heen.




 
 
 

Opmerkingen


Inschrijfformulier

Bedankt voor de inzending!

©2022 door Positieve Focus
KvK 71266895 (René den Haan)

bottom of page