Als gedrag een schreeuw om pijn is
- René den Haan

- 25 apr
- 2 minuten om te lezen
We noemen het al snel “onbegrepen gedrag”. Onrust. Agressie. Somberheid.
Maar wat als we het verkeerd benoemen? Wat als het geen gedragsprobleem is… maar een pijnprobleem?
In het verpleeghuis zien we het dagelijks: mensen met dementie die veranderen. Iemand die altijd rustig was, wordt ineens boos. Of angstig. Of trekt zich terug. Het team zoekt naar verklaringen. Is het de ziekte? De omgeving? Overprikkeling?
Maar we vergeten één cruciale vraag: heeft iemand pijn?
En dat is geen kleine nuance.
Want pijn komt bij dementie ontzettend vaak voor. Naar schatting ervaart de helft tot driekwart van de mensen met dementie pijn. En naarmate de hersenschade toeneemt, verandert ook de manier waarop pijn wordt verwerkt. Soms wordt die zelfs intenser.
Het stille probleem van pijn
Het ingewikkelde is: mensen met gevorderde dementie kunnen pijn vaak niet meer goed verwoorden. Dus stellen we de vraag: “Doet dit pijn?”
En krijgen we… geen duidelijk antwoord.
Maar kijk je naar het gezicht, dan zie je iets anders. Een frons. Spanning. Een blik die verstart.
Het lichaam spreekt nog wél — wij moeten alleen opnieuw leren luisteren.
Gedrag is geen toeval
Stel je dit voor: Iemand wordt steeds bozer. Kortaf. Soms zelfs agressief. Niemand begrijpt waarom. Totdat bij toeval een tandarts ontdekt: een ontsteking in de mond.
Na behandeling? Het “probleemgedrag” verdwijnt.
Dit is geen uitzondering. Dit gebeurt. Vaker dan we willen toegeven.
Pijn vermomt zich
Bij dementie ziet pijn er zelden uit als pijn. Het vermomt zich als:
boosheid, onrust, verdriet, angst of terugtrekgedrag. Of simpelweg: “hij is de laatste tijd zo anders”.
Maar pijn zit ook in kleine dingen:
een te strakke broek, knellend ondergoed, schoenen die niet meer passen, een volle blaas, lange teennagels, een beginnende ontsteking.
Kleine oorzaken. Grote gevolgen.
Hoe scherper wij kijken, hoe minder zij hoeven te lijden Pijn herkennen vraagt iets van ons. Aandacht. Nieuwsgierigheid. Twijfel.
Niet meteen denken: dit hoort bij dementie. Maar durven vragen: wat probeert iemand mij te vertellen?
Let op:
-veranderde gezichtsuitdrukking
-een gespannen lichaam
-afwerend gedrag bij aanraken
-plotselinge gedragsverandering
Want hoe minder iemand kan zeggen, hoe meer betekenis gedrag krijgt.
De echte vraag
Misschien moeten we stoppen met vragen: “Hoe gaan we om met onbegrepen gedrag?”
En vaker vragen: “Waar heeft iemand last van?”
Dat is een totaal andere manier van kijken.
Tot slot
Pijn bij dementie is geen bijzaak.
Het is vaak de verborgen motor achter gedrag. En wie dat ziet, verandert de zorg.
Niet door méér te doen - maar door beter te kijken.
Want achter elk “lastig” gedrag kan iemand zitten die eigenlijk zegt: “Het doet pijn. Zie mij.”





Opmerkingen