top of page

Ik wil naar huis: De gesloten deur is zelden het echte probleem

  • Foto van schrijver: René den Haan
    René den Haan
  • 4 aug
  • 4 minuten om te lezen

"Ik wil naar buiten." Vier woorden. Vier woorden die op een psychogeriatrische afdeling soms vaker klinken dan de koffieautomaat.


De reactie op deze woorden is meestal voorspelbaar. "Dat kan nu niet."

Waarop de bewoner denkt: "Dan vraag ik het over drie minuten nog een keer."

En de zorgverlener denkt: "Dan geef ik over drie minuten hetzelfde antwoord."


Het gaat zelden over de deur

Wij denken vaak dat het probleem een gesloten deur is. Dat is het bijna nooit.


Vraag maar eens aan jezelf: stel dat je morgen je autosleutels moet inleveren.

Niet omdat je iets verkeerd hebt gedaan, maar omdat iemand anders vindt dat het veiliger is. Vanaf morgen mag je alleen nog rijden als er iemand naast je zit.

Hoe lang duurt het voordat je geïrriteerd of boos raakt?

Precies. En jij hebt niet eens dementie of woont in een verpleeghuis.


Voor veel bewoners staat die ene deur symbool voor iets veel groters.

Niet voor een deur. Maar voor:


"Ik bepaal niet meer zelf."

"Ik ben mijn vrijheid kwijt."

"Ik ben niet meer degene die ik altijd was."


Dat besef doet pijn en maakt vaak verdrietig.

En pijn uit zich soms als ... boosheid.


Maar boosheid is niet altijd een probleem

In de zorg zijn we gek op oplossingen.

Boos? Kop koffie.

Nog boos? Fietslabyrint (en nog een kop koffie)

Nog steeds boos? Muziek (misschien een kopje koffie?)

Nog steeds? Psycholoog (of gedragsdeskundige).

Nog steeds? Medicatie.

Nog steeds? MDO.

Nog steeds? Nog een MDO of familieberaad.


Maar de belangrijkste vraag zou eigenlijk niet moete zijn: "Hoe krijgen we de boosheid weg?" - maar: "Waarom zou iemand níét boos zijn?"


Sommige emoties horen namelijk simpelweg bij (levend) verlies en rouw.

Je kunt iemands vrijheid niet beperken zonder dat daar verdriet, protest of boosheid tegenover staat. Dat betekent niet dat de zorg faalt. Dat betekent dat iemand nog altijd een mens is.


Niet corrigeren, maar erkennen

Het mooie is dat erkenning vaak meer doet dan uitleg.

In plaats van: "Dat mag niet."

Zeg je: "Ik snap heel goed dat u graag naar buiten wilt."


Niet: "Dat is gevaarlijk."

Maar wel: *"U bent altijd gewend geweest zelf te bepalen waar u naartoe ging. Klopt het dat u dat zo mist?"


En ja, dat haalt de beperking niet weg - maar wél de eenzaamheid die iemand kan voelen wanneer niemand zijn verlies lijkt te begrijpen.


Achter iedere deur zit een verlangen

Wanneer iemand zegt: "Ik wil naar buiten." Kan dat eigenlijk betekenen:

  • Ik wil bewegen.

  • Ik wil frisse lucht.

  • Ik wil ergens naartoe.

  • Ik wil mijn partner zien.

  • Ik wil iets betekenen.

  • Ik wil weer mezelf zijn.


Dat zijn heel verschillende behoeften.

En hoe beter we die behoefte begrijpen, hoe kleiner de strijd rondom de deur vaak wordt.


Autonomie is geen aan-uitknop

Bij dementie lijkt autonomie soms alles of niets. Of iemand mag alles.

Of niets. Maar tussen die twee uitersten ligt een wereld aan mogelijkheden.

Laat iemand dus liever kiezen:

"Linksom of rechtsom?"

"Nu wandelen of over tien minuten?"

"De jas of de bodywarmer?"

"Langs de vijver of langs de tuin?"


Zelfs kleine keuzes geven een groot gevoel van regie.

En autonomie zit vaak niet in grote beslissingen. Maar in honderd kleine.


Geef iemand een reden om naar buiten te gaan

Vroeger liep bijna niemand zomaar een rondje. Mensen gingen ergens naartoe.

Naar de bakker. De moestuin. De schuur. De buren. Hun werk.

Een doel geeft betekenis. Misschien kan iemand vandaag bijvoorbeeld wel:

  • de vogels voeren;

  • kijken of de planten water nodig hebben;

  • de post ophalen;

  • de tuin inspecteren;

  • controleren of alles er netjes bij ligt.


Niet als bezigheidstherapie, maar omdat mensen graag van betekenis willen blijven.


Van gesloten deur naar Persoonlijk Vrijheidsplan

Alleen praten over deuren lost weinig op. Dus heb het liever over vrijheid.

Wat zou er gebeuren als iedere bewoner voor wie vrijheid een belangrijk thema is een Persoonlijk Vrijheidsplan krijgt?


Niet niet als weer een extra formulier voor het dossier, maar als gezamenlijke afspraak tussen bewoner, familie, vrijwilligers en zorg.


Een plan waarin vragen centraal staan als:

  • Wat betekent vrijheid voor deze persoon?

  • Waar verlangt hij of zij eigenlijk naar?

  • Wanneer voelt iemand zich het meest zichzelf?

  • Hoe kunnen we dagelijks momenten van vrijheid creëren?

  • Welke keuzes kan iemand nog wél zelf maken?

  • Hoe zorgen we ervoor dat bewegen, buiten zijn en eigen regie een vast onderdeel van de dag worden?

  • Hoe behouden we veiligheid zonder voortdurend "nee" te hoeven zeggen?


Zo verschuift de aandacht van beperken naar mogelijk maken.

Zo wordt niet de gesloten deur wordt het uitgangspunt, maar de mens erachter.


Maak dit de belangrijkste vraag

Tijdens een omgangsoverleg stel ik teams steeds vaker een andere vraag.

Dan gaat het niet meer over de vraag: "Hoe voorkomen we dat deze bewoner steeds naar buiten wil?"


Deze vraagt komt hiervoor in de plaats: "Hoe zorgen we ervoor dat deze bewoner zich vandaag meerdere keren vrij voelt?" (al is het maar een klein beetje)


Dat lijkt een klein verschil. Maar het verandert alles.

Ineens gaat het gesprek niet meer over regels, maar over identiteit.

Niet meer over risico's, maar over kwaliteit van leven.

Niet meer over gedrag, maar over behoeften.


En ontdekken we dan samen hopelijk iets bijzonders: dat vrijheid niet alleen zit in een open deur, maar vooral in het gevoel dat je nog steeds jezelf mag zijn.


Dit is de mooiste vorm van persoonsgerichte zorg waar we geen sleutel of tag voor nodig hebben!



 
 
 

Opmerkingen


Inschrijfformulier

Bedankt voor de inzending!

©2022 door Positieve Focus
KvK 71266895 (René den Haan)

bottom of page