Ouderen zijn wandelende schatkisten
- René den Haan

- 3 apr
- 3 minuten om te lezen
“Je kunt een probleem niet oplossen met dezelfde manier van denken als die het heeft veroorzaakt.”
Dank je wel, Albert Einstein. Altijd fijn als iemand met wild haar en een pijp even onze hele zorglogica onderuit schoffelt.
Want laten we eerlijk zijn: in de zorg zijn we kampioen probleem-oplossen. Iets doet pijn? Zoek de oorzaak. Iets werkt niet? Repareren. Kapot? Fixen.
Het is een heerlijk overzichtelijk wereldbeeld. Alsof de mens een IKEA-kast is met een ontbrekend schroefje (en ja, die ene schroef ligt altijd nog ergens op de vloer).
En ja.. dit model heeft ons ver gebracht. Infecties? Aangepakt. Tuberculose? Onder controle. Hulde aan de medische wetenschap.
Maar dan… komt er een categorie cliënten waar geen handleiding bij zit. Geen schroefje ontbreekt. Of misschien juist: alle schroefjes zitten nét een beetje los.
Welkom in de wereld van:
vage klachten, overlappende symptomen, 85-plussers met een indrukwekkend CV aan aandoeningen -en professionals die denken: “Is dit nou lichaam, brein, psyche, medicatie… of gewoon dinsdag?”
De diagnostische spagaat
Bij ouderen is het soms net CSI, maar dan zonder duidelijke dader.
Moeheid, concentratieproblemen, hartkloppingen, slecht eten…
Alles kan alles zijn. En alles beïnvloedt alles.
Dus wat doen wij als zorgprofessionals?
Juist: nóg beter kijken. Nog scherper analyseren. Nog een testje. Nog een classificatie.
Tot iemand voorzichtig zegt:
“Maar… wat als het probleem zich niet laat vangen?”
Stilte.
Plot twist: misschien hoeft niet alles opgelost te worden
Hier wordt het interessant. Want wat als we – naast het oplossen van problemen – ook beginnen met het bouwen van oplossingen?
Dat is een andere sport.
Niet: “Wat is er mis en hoe fixen we dat?”
Maar: “Wat werkt er nog (of al) en hoe maken we daar méér van?”
Welkom in de wereld van positieve gezondheid, positieve psychologie en oplossingsgericht werken.
Klinkt gezellig. Is het ook. Maar onderschat het niet: dit is geen zweverige “denk jezelf beter”-club.
Positieve psychologie: geen ontkenning, maar uitbreiding
De positieve psychologie ontstond omdat de traditionele psychologie een klein detail over het hoofd zag: mensen hebben niet alleen problemen… ze hebben ook krachten.
Volgens Martin Seligman en Mihaly Csikszentmihalyi (probeer dat drie keer snel achter elkaar te zeggen) draait het niet alleen om herstellen wat stuk is, maar ook om versterken wat al werkt.
Dus ja: klachten verminderen is goed - maar veerkracht vergroten is óók goed.
En samen? Nog beter
Of zoals onderzoek eigenlijk zegt: je kunt je ellendig voelen én toch best wat kracht hebben. (Welkom in het echte leven.)
Ouderen: wandelende schatkisten (zonder gebruiksaanwijzing)
En hier wordt het bijna ironisch.
Want de doelgroep waarbij we het meest focussen op problemen (ouderen), is vaak juist de groep met:
de meeste levenservaring
het grootste coping-repertoire
en een indrukwekkend vermogen om door te gaan ondanks alles
Met andere woorden:
ze hebben al tig keer iets overleefd waar wij een burn-out van zouden krijgen.
Maar in plaats van te vragen:
“Hoe heeft u dat toen gedaan?”
vragen we vaak: “Waar heeft u last van?”
Beide zijn relevant. Maar één van de twee geeft energie.
Stepped care? Maak kennis met stepped diagnosis
Natuurlijk, we moeten alert blijven. Delier, dementie, ernstige somatiek – dat wil je niet missen.
Maar misschien hoeven we niet meteen met het hele diagnostische kanon te schieten.
Eerst kijken wat helpt. Dan pas verder uitpluizen als het nodig is.
Een soort:
eerst doen
dan denken
en dan nóg eens goed denken
Of chiquer gezegd: stepped diagnosis.
De rol van de professional: van fixer naar facilitator
Slecht nieuws voor de controlfreaks onder ons:
in deze benadering ben jij niet langer de alles-reparateur.
Goed nieuws: je wordt iets veel interessanters.
Een: coach, gids, vragensteller
hoop-verlener
Je helpt mensen niet alleen van hun klacht af, maar helpt ze ook een leven te bouwen mét wat er is.
En ja, dat vraagt iets ongemakkelijks: bescheidenheid.
Onderzoek laat namelijk zien: wij kunnen bijdragen aan welzijn…
maar we zijn niet dé oplossing.
Au.
Dus… moeten we stoppen met problemen oplossen?
Nee. Absoluut niet.
Maar misschien moeten we stoppen met doen alsof dat het enige is wat telt.
De echte kunst zit in de balans:
klachtgericht én krachtgericht
analyseren én opbouwen
weten wanneer je moet zoeken… en wanneer je moet laten zijn
Of zoals Einstein het misschien had gezegd als hij in de zorg werkte:
“Soms is het probleem niet dat iets kapot is…
maar dat we vergeten zijn te kijken wat er nog werkt.”
Dat is misschien wel het mooiste startpunt van allemaal.





Opmerkingen