Persoonlijkheidsstoornissen: of… gewoon mensen met een indrukwekkend overlevingsplan?
- René den Haan

- 8 apr
- 3 minuten om te lezen
Ik loop al een tijdje mee in de ggz. Niet als cliënt, maar als behandelaar. Alhoewel -eerlijk is eerlijk -op sommige dagen denk ik: had weinig gescheeld. Rollen omgedraaid en ik had net zo goed aan de andere kant van de tafel gezeten.
Met een kop lauwe koffie en een diagnose die klinkt als een mislukte IKEA-kast.
Want wat maakt de ggz nou eigenlijk… ggz?
Zijn het echt “stoornissen”?
Of zijn het mensen die iets te veel hebben meegemaakt, iets te lang hebben volgehouden en uiteindelijk ergens zijn vastgelopen?
Het grote etikettenfestival
Er was een tijd dat we mensen keurig indeelden in clusters A, B en C. Alsof het om vakken in de supermarkt ging:
“Heeft u de excentrieke trekjes al gehad? Die liggen in gangpad A.”
“Ah, u zoekt wat drama en impulsiviteit? Cluster B, tweede plank links.”
En als je niet netjes in één vakje paste? Gefeliciteerd. Dan kreeg je de mysterieuze alles-in-één-bak: NAO — Niet Anders Omschreven. Vrij vertaald: “We weten het ook niet precies, maar het is wel iets.”
Voor je het weet ben je geen mens meer, maar “die borderliner” of “een narcist”.
Een label waar niemand beter van wordt, behalve misschien de administratie.
Diagnose: complex mens-zijn
Als je de officiële beschrijvingen leest, gaat het over:
een wankel zelfbeeld
moeite met relaties
intense emoties (van paniek tot woede en alles daartussen)
gedrag dat soms schuurt, botst of ontploft
een diep gevoel van leegte of zinloosheid.
Kortom: het leven. Maar dan in de overtreffende trap.
En ja—dat kan enorm veel lijdensdruk geven. Voor de persoon zelf én de mensen eromheen. Laten we dat vooral niet bagatelliseren.
Maar de vraag blijft knagen:
helpt het om dit een “stoornis” te noemen?
Wetenschap zegt: tja…
Als je kijkt naar de betrouwbaarheid van sommige diagnoses (hallo NAO), dan is het wetenschappelijk gezien soms net zo stevig als een soufflé in een storm.
We proberen iets te vangen dat eigenlijk niet te meten is: een mix van levensgeschiedenis, karakter, trauma, context, relaties en pech.
En dan hopen we dat één label het geheel verklaart.
Dat is alsof je een complete Netflix-serie samenvat met:
"Gaat over iemand. Met dingen."
Van “waarom ben ik zo?” naar “wat werkt voor mij?”
Binnen positieve gezondheidszorg en oplossingsgericht werken draaien we het om.
Niet eindeloos graven in:
“Waarom ben ik zo geworden?”
Maar nieuwsgierig kijken naar:
“Oké… en hoe nu verder?”
Want stel…
Je krijgt een perfect label.
Inclusief handleiding en stempel.
Wat ga je morgen anders doen?
Precies.
De ongemakkelijke maar hoopvolle waarheid
Mensen zijn geen diagnoses.
Ze zijn patronen. Gewoontes. Overlevingsstrategieën.
Soms briljant.
Soms destructief.
Vaak allebei tegelijk.
En ja -sommige patronen zijn hardnekkig.
Maar “hardnekkig” is niet hetzelfde als “hopeloos”.
Kleine verschuivingen, groot effect
De echte beweging zit niet in het perfecte label, maar in mini-keuzes:
Wat wil je houden, omdat het je ooit geholpen heeft?
Wat wil je loslaten, omdat het je nu belemmert?
Wat is één kleine stap die vandaag wél kan?
Geen grootse doorbraken. Geen Hollywoodtransformatie.
Gewoon: 2% anders.
En morgen weer.
Positieve gezondheidszorg in één zin
Niet: “Wat mankeert je?”
Maar: “Wat heb je nodig om een leven te leiden dat voor jou klopt?”
Zelfs als dat leven soms rommelig, intens en een tikje chaotisch is.
Tot slot (met een kleine knipoog)
Het leven kan achteraf prachtig geanalyseerd worden.
Met schema’s, modellen en ingewikkelde termen.
Maar helaas…
je moet het vooruit leven.
En nee—dat is geen ontwijking.
Dat is gewoon de enige richting die beschikbaar is.
Dus of je het nou een persoonlijkheidsstoornis noemt, een patroon, of gewoon “mens zijn met gebruiksaanwijzing”…
De echte vraag blijft:
Wat ga jij vandaag een klein beetje anders doen?





Opmerkingen