top of page

Wij versus zij: de favoriete hobby van de mensheid

  • Foto van schrijver: René den Haan
    René den Haan
  • 19 mei
  • 3 minuten om te lezen

“Ze moeten zich gewoon aanpassen.” Het is zo’n zin die meestal uitgesproken wordt met de overtuiging van iemand die ook denkt dat je een burn-out oplost met een weekendje Veluwe en een magnesiumtablet.


Maar achter die simpele uitspraak schuilt iets fascinerends. Namelijk: de eeuwige menselijke neiging om de wereld op te delen in wij en zij.


Wij zijn normaal. Zij zijn ingewikkeld. Wij hebben cultuur. Zij hebben “problemen”.

En voor je het weet zit je midden in een primitieve apensoap met smartphones.

De mens blijft tenslotte gewoon een aangeklede groepsaap. Alleen nu eentje met een mening op insta.


De mythe van de vaste identiteit

Volgens psychoanalyticus Paul Verhaeghe én cultuurpsycholoog Hubert Hermans is identiteit helemaal geen vast pakketje dat ergens diep in je hersenen opgeslagen ligt naast je wachtwoorden en jeugdtrauma’s.


Je identiteit ontstaat in contact met anderen. Door opvoeding. Cultuur. Groepen. Relaties. Blikken van anderen. Met andere woorden: je wordt jezelf dankzij andere mensen.


Zelfs die buurman die altijd om 07:00 de heg gaat snoeien heeft invloed op jouw identiteit. Al is het alleen maar doordat jij jezelf inmiddels ziet als iemand met lichte agressieregulatieproblemen.


We vormen onszelf voortdurend in relatie tot anderen. We spiegelen. Imiteren. Botsen. Passen ons aan. Zoeken erbij te horen. Dat zit diep biologisch ingebakken. Want duizenden jaren geleden betekende uit de groep vallen ongeveer hetzelfde als:“Gefeliciteerd, je wordt nu opgegeten door een wolf.”

Dus ja, we zijn groepsdieren.


Maar groepen hebben een irritante bijwerking

Zodra mensen groepen vormen, ontstaat automatisch: “ons soort mensen” of “hun soort mensen”. En daar begint het gedonder.


Want groepen versimpelen de werkelijkheid.Dat doet het brein graag. Lekker efficiënt. Dus worden mensen etiketten: “de elite”, “de wappies”, “de moslims”, “de linksen”, “boomers”, “drillers”, “yuppen” of “Tokkie’s”.


Alsof acht miljard complexe mensen netjes in vier Action-opbergboxen passen.

Volgens Hermans dragen we al die stemmen zelfs in onszelf mee. Hij noemt dat het dialogische zelf: een soort interne groepschat vol verschillende stemmen, overtuigingen en identiteiten.


In één persoon kunnen tegelijk wonen: de ambitieuze professional, het onzekere kind, de loyale zoon, de boze burger, de zorgzame vriend en de vermoeide volwassene die om 22:00 chips eet boven de gootsteen.

En die stemmen zijn het zelden volledig met elkaar eens.


Het probleem ontstaat bij dominantie

Niet alle stemmen krijgen evenveel ruimte. Sommige groepen bepalen wat “normaal” is. Wat slim is. Wat beschaafd is. Wie erbij hoort.

En dát is waar het gevaar begint. Want als mensen voortdurend horen: dat hun achtergrond minderwaardig is, dat hun cultuur een probleem vormt, dat ze zich moeten aanpassen en dat ze “anders” zijn …dan kruipt dat naar binnen.


Mensen gaan zichzelf bekijken door de ogen van de dominante groep.

Dat gebeurt overal, van school, werkvloer tot media en politiek.

maar ook op verjaardagen waar ome Henk “nog wel wat mag zeggen tegenwoordig”


Identiteit wordt dan geen vrije ontwikkeling meer, maar een overlevingsstrategie.


En nee, assimilatie blijkt helemaal niet zo goed te werken

Uit onderzoek blijkt zelfs dat mensen beter functioneren wanneer ze én kunnen deelnemen aan de samenleving én hun eigen achtergrond mogen behouden.


Dus niet:“Word exact zoals wij.” Maar:“Doe mee, mét wie je bent.”

Dat vraagt iets moeilijks van mensen: verdraagzaamheid voor complexiteit.


En precies daar zijn we als soort nogal matig in. We willen simpele verhalen. Heldere hokjes. Zwart-wit. Goed-fout.


Maar echte mensen zijn hybride wezens. Iemand kan tegelijk: Nederlands én Turks zijn, gelovig én modern, kritisch én verbonden -of zelfstandig én behoefte hebben aan een groep Mensen zijn dus geen Excel-categorieën.


De grote ironie

Het bijzondere is: iedere groep denkt ondertussen dat hún identiteit bedreigd wordt.

Minderheden voelen zich buitengesloten. Meerderheden voelen zich vervangen. Progressieven voelen zich aangevallen. Conservatieven voelen zich niet gehoord.

Iedereen voelt zich slachtoffer. Iedereen voelt zich miskend.

Iedereen zit boos in zijn eigen digitale loopgraaf.

En sociale media gooien ondertussen lampenolie op iedere emotionele barbecue.


De echte uitdaging van deze tijd?

Niet winnen van elkaar. Maar leren verdragen dat identiteit altijd in beweging is.

Dat cultuur geen museumstuk is. Dat mensen meerdere kanten tegelijk hebben. Dat niemand volledig “puur” of “af” is.


En vooral: Dat de ander meestal geen bedreiging is…maar gewoon een even verwarde groepsaap die ook probeert ergens bij te horen.


Misschien moeten we dus iets minder hard roepen: “Ze moeten zich aanpassen.”

En iets vaker vragen: “Hoe zorgen we dat mensen zich mens kunnen voelen?”

Dat zou pas revolutionair zijn!



Opmerkingen


Inschrijfformulier

Bedankt voor de inzending!

©2022 door Positieve Focus
KvK 71266895 (René den Haan)

bottom of page